zaterdag 27 april 2013

Borstenprotest (Trouw 27-04-2013)

















Yes Elma Drayer! Je slaat de spijker op zijn kop! De protestbeweging Femen krijgt veel te weinig aandacht en bemoediging in Nederland. Terwijl hun acties prachtig en ontroerend zijn. Deze vrouwen trekken niet op een gratuite manier aandacht voor de goede zaak maar manifesteren zich krachtig vanuit hun vrouwelijkheid en kwetsbaarheid. Ik vind het adembenemend mooi om te zien. Dat dit te weinig wordt onderkend in Nederland komt omdat de Nederlandse media geregeerd worden door mannen.

dinsdag 23 april 2013

Springzaad en grote gezinnen

Veel van mijn vriendinnen hebben drie, vier of vijf kinderen. Bevrijdend vonden wij het om na een leven leren en studeren de natuur op zijn beloop te laten en maar te zien wat dat ons bracht. Interessante banen in de wereld van de kunst, mode, fotografie en journalistiek lieten wij zonder spijt aan ons voorbijgaan in de veronderstelling dat geen baan kon tippen aan de natuurlijke gang van het leven en de rijkdom van een groot gezin.

Echter, de Randstad paste slecht bij onze reproductieve houding. Op het smalle stoepje voor de Albert Heijn was geen plaats voor trossen kinderen wat ons dagelijks door passerende automobilisten te verstaan werd gegeven: 'Hee! ga je kinderen eens opvoeden!'. Anderen toeterden of gaven ons simpelweg de vinger. Zelfs als we een oude man die van zijn fiets viel weer op de been hielpen. 'Waar moeten we heen?' vroegen wij elkaar radeloos aan de telefoon als de meivakantie voor de deur stond. Vier koters tussen 0 en 7 jaar loslaten in het drukke straatverkeer? Te gevaarlijk. Met zijn allen op een dure vakantie? Geen geld en slecht voor het milieu.

De één na de andere vriendin trok met haar grote gezin weg uit de Randstad, naar Zweden, Zutphen, Soesterberg of Groningen. Wij staken elkaar aan met onze minachting voor het afvoerputje waarin wij leefden. Maar boven alles was ons huishouden 'way to' veeleisend om onze kinderen dagelijks te moeten uitlaten of te entertainen. Wij wilden ruimte, natuur en frisse lucht in onze directe leefomgeving en onze kinderen naar buiten kunnen schoppen op een plek waar ook daadwerkelijk wat te beleven viel. Geen fantasieloze speeltuin maar avontuurlijke ruimte waar ze zelf bezig konden zijn met sleeën, paardrijden, bomen klimmen, bloemen plukken of gewoon een uur lang naar een groene kever kijken. Zonder dat ze daarbij door auto's van hun sokken gereden werden.

In onze nieuwe woonomgeving leefden onze kinderen op, van grauw werden ze roze, hun roodomrande ogen verdwenen, het chronische hoesten en snotteren stopte alsmede hun verveling. Euforisch rende mijn jongste door de gele zee aan paardenbloemen die ons huis na één nacht omgaf. Hij had zich voorgenomen alle gele bloemen uit de omgeving te plukken maar waar moest hij nu beginnen? Nooit eerder had ik hem zo blij verrast gezien. Net als mijn dochter die volmaakt gelukkig over de heuvels reed op de rug van haar lievelingspaard Quidam.  


Daarom en om nog 1000 andere redenen is het een zegen dat we in Nederland steeds meer wilde natuur beschikbaar stellen aan kinderen en hun ouders. Zij hebben dit nodig net als de rest van alle mensen natuurlijk. Niet alleen om gezond te blijven maar vooral ook om gelukkig te zijn.

Hieronder een link van de geweldige organisatie Springzaad die alle natuurlijke speelplekken voor kinderen in kaart heeft gebracht. Het gaat om:
groene kinderopvang/BSO
natuurspeelplaatsen/groene speeltuinen
speelbossen/speelpolders
natuurbelevingspad

Link voor Speelnatuurkaart van Nederland: 
Springzaad

Te hopen is natuurlijk dat deze gebieden zich de komende jaren fors gaan uitbreiden. Dat werkloze aannemers in de bouw natuurgebieden exploiteren in plaats van vinexwijken en bedrijventerreinen. Dat wij onze huizen kleiner maken in plaats van groter. Geen extra serre maar een eigen moestuin, geen eigen garage maar een handige composthoop en boomhut. Een zachte revolutie waarbij het steen van de steden wordt omgevormd tot het groen van de natuur. Dan hebben we ook geen auto's meer nodig die ons naar groene oases brengen.



zaterdag 13 april 2013

Natuurlijke remedie tegen teken

Nu iedereen met het mooie weer naar buiten trekt, staat de teek  volop in de belangstelling. Deze week (15 t/m 26 april) is het de nationale week van de teek, een goede gelegenheid om aandacht te besteden aan een natuurlijke manier om besmetting van tekenbeten tegen te gaan. Daarvoor heb je niet meer nodig dan je eigen nagels en een flesje etherische lavendelolie.

In Zweden struinde mijn kroost dagen achter elkaar door de wilde natuur en was het verwijderen van teken aan de orde van de dag. De beste manier om dit te doen vind ik gewoon met je nagels. Tangetjes geven meestal maar een hoop gepruts en weinig grip. Zorg dat je zo veel mogelijk van het tekenlichaam stevig tussen je nagels klemt voordat je trekt. Op die manier voorkom je dat je alleen zijn achterste lostrekt en zijn kop in je lichaam achterblijft.

Nadat je de teek verwijderd hebt, wrijf je één druppel pure etherische lavendelolie (liefst ekologisch, verkrijgbaar bij natuurwinkel of drogist ca.7/8 euro) op de tekenbeet. Dit is een natuurlijk antibioticum dat een eventuele besmetting op zachte wijze direct de kop in drukt. Klaar is Kees.

Het fijne van deze methode is dat je niet aan de synthetische antibiotica hoeft die bij een besmetting standaard wordt voorgeschreven. Dat scheelt weer in belasting voor je eigen lichaam en de kwaliteit van ons drinkwater die op dit moment volgens het RIVM verontrustend hoge concentraties medicijnen bevat. Gek genoeg komt dit zelfde RIVM met het onderzoeksvoorstel om Lyme-besmetting tegen te gaan door elke tekenbeet preventief met antibiotica te behandelen. Dat zijn één miljoen antibiotica behandelingen per jaar! Nergens voor nodig, lijkt me. Laat men eerst maar eens de eenvoudige, goedkope en onschadelijke alternatieven onderzoeken waarover we van nature beschikken.

Succes en fijne zomer!






woensdag 27 maart 2013

Excellentie levert weinig op (Trouw, Podium 26-03-2013)

Pupillen van Eton College, Photograph: Christopher Furlong/Getty Images
Pupillen van Eton College, Photograph: Christopher Furlong/Getty Images

'We moeten meer investeren in excellente werknemers, docenten en leerlingen.'

Dit geluid zingt rond in alle media en lijkt verworden tot een nationaal geloof. Maar waar is het op gebaseerd? Gaat het soms goed met landen als Engeland en Amerika waar de excellente bovenklasse van de samenleving haar intellectuele talenten viert in elitaire bolwerken als Eton, Cambridge of Harvard? Laat de economische crisis in die landen juist niet zien dat het belang van intellectuele vorming en persoonlijk succes schromelijk wordt overschat? 

Interessant is in elk geval dat in de lijst van meest toonaangevende kenniseconomieën (global competitiveness report 2012-2013 van het World Economic Forum) Finland en Zweden voorlopen (resp. 3e en 4e plaats) op Nederland, Engeland en Amerika (resp. 5e, 7e en 8e plaats). En laat dit nou net twee landen zijn waar niet excellentie maar plezier en sociale samenhang in werk en onderwijs voorop staan. Hier streeft men, anders dan staatssecretaris Dekker, niet in de eerste plaats naar een 'ambitieuze en opbrengstgerichte leercultuur' maar naar één waar men betrokken en geïnteresseerd samenwerkt binnen redelijke grenzen. Hoogbegaafde kinderen halen hier misschien niet het maximale uit hun intellectuele mogelijkheden. Maar is dat erg? Weegt dat op tegen het feit dat zij hier meer uit hun fysieke en sociale mogelijkheden halen via beweging in de buitenlucht, voldoende rust en training van sociale vaardigheden? Ik geloof uiteindelijk van niet. Er valt zelfs veel voor te zeggen om bolleboosjes niet in een hoogbegaafdenklasje te zetten maar ze hun buurman te laten helpen met zijn sommen zodat hij ze ook snapt. Dat maakt de bolleboos socialer en de buurman slimmer.

De opmars van plusklasjes is een uitwas van een competetieve individualistische maatschappij waarin de intellectuele ontwikkeling van kinderen centraal staat en steeds ambitieuzere ouders een plekje onder de zon voor hun kroost opeisen. Het is beschamend in alle media te lezen dat hoogbegaafde kinderen in Nederland verwaarloosd worden en zwakbegaafden gepamperd terwijl de klassen in het speciaal onderwijs overvol zitten en onderbemand zijn. Hebben redacteuren mogelijk meer affiniteit met de problematiek van hoogbegaafden dan met die van kinderen met een rugzakje? 
Hoe dan ook, plusklassen leiden tot niets anders dan segregatie en verdere individualisering van onze samenleving. Dat moeten we niet willen. Ons land is harder toe aan verbinding dan aan differientatie. De werkelijke problemen in het onderwijs liggen in onze gemeenschappelijke basis. Die is nu te mager zowel voor de rugzakjes als de middenmoters als de bolleboosjes. Als er naar Scandinavisch model, twee of meer leerkrachten voor de klas staan in plaats van één, komen alle leerlingen, sociaal, emotioneel en intellectueel beter tot hun recht, of zij nu extra aandacht nodig hebben vanuit een achterstand dan wel een voorsprong. In Zweden nemen zelfs kinderen met het syndroom van Down deel aan regulier onderwijs. Zo vormt het schoolleven weer een reële afspiegeling van de maatschappij waarin kinderen rekening leren houden met elkaar in plaats van elk hun individuele traject te bewandelen. En ja, dat maakt bolleboosjes misschien wat minder excellent maar wel een stuk plezieriger in de omgang.



woensdag 20 maart 2013

Go for it Myrthe Hilkens! (Trouw 22 februari 2013 'In Stockholm voel ik me als vrouw veiliger)

PVDA kamerlid Myrthe Hilkens

Sylvain Ephimenco wekt in zijn column 'Calamity Myrthe' ten onrechte de suggestie dat het criminaliseren van prostitutiebezoek in Zweden geleid zou hebben tot extreem hoge verkrachtingscijfers.

Eerder onderzocht ik vanuit Zweden voor NRC Handelsblad de verkrachtingen waarvan Wikileaks-oprichter Julian Assange in dat land nog altijd beschuldigd wordt. In de zaak tegen Assange werd duidelijk dat Zweden, anders dan de meeste andere landen, de menselijke integriteit extreem serieus neemt en beschermt. Omdat zij die taak niet aan het individu wil overlaten maar centraal geregeld wil zien, is er in 2005 een wet aangenomen die de definitie van verkrachting zodanig heeft verbreed dat vanaf dat moment ook seks met iemand die dronken is of om welke andere reden geen nee kan zeggen tot verkrachting gerekend wordt. Met deze wetswijziging verdubbelde het aantal meldingen van verkrachtingen tussen 2004 en 2009. In Zweden wordt dus niet meer verkracht dan in andere landen maar houdt men er vooral een strengere visie op sociale veiligheid op na. Ephimenco's vaststelling dat er in Zweden verhoudingsgewijs weinig verkrachters worden opgepakt, hangt daar mee samen. Want de meer subtiele varianten van verkrachting die elders ter wereld niet als zodanig meetellen, blijken moeilijk oplosbaar via het strafrecht. Dat neemt niet weg dat de Zweedse houding inzake het beschermen van fysieke integriteit heeft geleid tot een ongekend veilig klimaat voor vrouwen. Dat is duidelijk merkbaar als je in Stockholm over straat loopt. Ik voel mij daar als vrouw alleen vele malen veiliger en vrijer dan in Amsterdam. Ik ben er dan ook van overtuigd dat wanneer de cijfers gecorrigeerd zouden worden voor de brede definitie die Zweden hanteert voor verkrachtingen, zij beslist in het voordeel zouden uitvallen van Zweden. Het criminaliseren van hoerenlopers is dus geen goed voorbeeld van falende betutteling van de overheid. Hooguit van betutteling. En zolang Zweedse jongeren, alle verhalen ten spijt, nog altijd substantieel minder drinken dan hun Nederlandse, Duitse en Engelse leeftijdsgenoten lijkt de Zweedse staatsregulering van drankconsumptie die Ephimenco aanvoert ter ondersteuning van zijn betoog daar evenmin een goed voorbeeld van te zijn. Daarom zie ik geen enkele reden om cynisch te zijn over Myrthe Hilkens' verkenningen in Zweden om prostitutiebezoek te criminaliseren. In tegendeel: Go for it Myrthe!

Ephimenco's volgende column van zaterdag 23 februari 2013 staat geheel in het teken van zijn minachting voor het feit dat ik mijn inzicht deels ontleen aan een persoonlijke impressie. Hij schildert mij af als een naiëveling door mijn gevoel als meetinstrument belachelijk te maken en door te stellen dat ik de door hem gebruikte term 'criminaliseren' overneem zonder mij bewust te zijn van de negatieve ironische connotatie daarvan in zijn stuk. Maar waar Ephimenco zich niet bewust van is, is het feit dat aan het criminaliseren van hoerenlopers in Zweden eerder een positieve dan een negatieve connotatie kleeft. Blijkbaar is dat voor hem zo onvoorstelbaar dat hij vermoedt dat ik een steekje laat vallen. 

Mijn reactie daarop in Trouw do 28 februari:

In zijn column (Trouw 23 februari) beticht Ephimenco mij van subjectiviteit en natte vingerwerk. Maar naast cijfers is mijn impressie van Zweden tenminste gestoeld op bijna drie jaar in Zweden leven (waarbij wij ons wekelijks in Södertälje begaven, één van de meest criminele plaatsen in Zweden) terwijl Ephimenco's suggestie dat het bestraffen van hoerenlopers in Zweden geleid zou hebben tot meer verkrachtingen volledig uit de lucht gegrepen is.
De cijfers die hij aanhaalt, zijn gemeten vanaf 1990, bijna tien jaar voordat prostitutiebezoek strafbaar gesteld werd en laten daarmee geen direct oorzakelijk verband zien maar een geleidelijke trend die net zo goed heel andere oorzaken kan hebben. Bovendien, wat is de uitgangssituatie in Zweden? Gezien het vrouwvriendelijke klimaat is het niet ondenkbaar dat verkrachtingscijfers daar altijd lager hebben gelegen dan in veel andere landen. Het is dan vanzelfsprekend dat deze cijfers, met de inmenging van andere meer vrouwonvriendelijke culturen, in Zweden verhoudingsgewijs harder stijgen dan in andere landen. De situatie van Zweedse blondines die hun haar donker verven uit vrees voor verkrachting in Zweedse migrantenwijken is mij zeker bekend. Maar dat raakt aan een andere sociale problematiek die de Zweden zeker niet gaan oplossen door prostitutiebezoek te legaliseren. 

Zweden wordt regelmatig belachelijk gemaakt in verband met de strakke grenzen die zij trekt inzake menselijke integriteit en emancipatiekwesties. Ik begrijp dat als geen ander en doe daar graag aan mee maar Zweden is natuurlijk geen belachelijk land. Wij vinden het belachelijk omdat we verbaasd zijn en vol onbegrip. Maar het is goed om stil te staan bij de afwegingen die daar worden gemaakt. Niet in de laatste plaats omdat er meer vrouwen deelnemen aan de publieke besluitvorming. Dat kan ons als voorbeeld en ter inspiratie dienen. Zo vond ik het, net in Zweden, raar dat er door niemand werd gelachen om de in Nederland gangbare en altijd gewaardeerde vrouw-onvriendelijke grappen van mijn partner. Hij meende er toch niets van en het was toch lachen? Maar toen ik dat eens vertelde aan een aardig academisch stel uit Uppsala, keken zij mij meelijwekkkend aan. 'Meisje', zei de vrouw, daar hebben wij in dit land samen veel te hard voor gewerkt om daar nog om te kunnen lachen. Opeens schaamde ik me. 'Oeps', dacht ik. 'Voor hen ben ik een donkere vrouw die zegt dat het zo raar is dat zij niet lachen om negermoppen. Misschien zijn ze ons toch een stapje voor. Alleen weten wij dat nog niet'    







maandag 11 februari 2013

Opvoedkundig debat Trouw

In Trouw ontspon zich de afgelopen weken een uitgebreid opvoedkundig debat.

Naar aanleiding van het verschijnen van haar boek Waarom ik geen strenge moeder ben (terwijl ik dat wel zou willen zijn) verscheen er in Trouw een interessant artikel van de auteur en journaliste Iris Pronk: Waarom is 'nee' zeggen zo moeilijk?

Na een anti-autoritaire 'laissez-faire' opvoeding neemt zij zich voor zelf juist een strenge ouder te worden. Eentje met veilige duidelijke grenzen en regels en bedtijden en tafelmanieren en dankuwel en alstublieft. Twee dochters verder komt ze tot de conclusie dat streng zijn haar niet lukt, sterker nog, dat ze een bovengemiddeld toegeeflijke ouder is.

In het artikel deelt Iris haar fascinatie en bewondering voor strenge ouders Sjoerd en Ludeke die in tegenstelling tot haarzelf wél uitgesproken streng en consequent zijn in de opvoeding van hun trio van bijna zes, drie en één. Ze hanteren een scala aan stricte regels als: Wie na een waarschuwing toch van tafel loopt is klaar met eten. Zijn of haar bord met eten wordt dan demonstratief boven de vuilnisbak leeggekieperd en: Als papa en mama tijdens het eten de eierwekker zetten (om een gesprek te kunnen voeren) mogen jullie pas weer praten nadat de wekker is afgegaan. Toen strenge vader Sjoerd de dochter van journaliste Pronk in haar bijzijn voor straf de gang op stuurde dacht zij bewonderend: 'Wauw, die durft, andermans kind corrigeren waar de moeder bij is.' Pronk vergelijkt de opvoeding met een tuin die alleen kan bloeien wanneer er consequent met vaste hand gesnoeid wordt.

Naar aanleiding van dit artikel vroeg Trouw om lezersreacties.
Hieronder mijn bijdrage (in Trouw katern Tijd leven en doen van 26 januari)


Liefdevol begrenzen

Toegeeflijkheid en gebrek aan pedagogisch kader teistert ons moderne ouders. Journaliste Iris Pronk zoekt de oorzaak daarvan vooral in haar anti-autoritaire opvoeding. Mogelijk. Of hebben onze problemen vooral te maken met het feit dat we meer tijd wensen te besteden aan studie en baan dan aan de professionalisering van ons ouderschap? Grenzen stellen is één van de moeilijkste uitdagingen in het leven van ouders. Als we allemaal nog maar anderhalf kind krijgen en daarbij weinig tijd investeren in opvoeden, dan worden we daar niet vanzelf beter in. Reflexmatig teruggrijpen naar ouderwetse strengheid lijkt dan misschien een antwoord maar dat is het niet. Want getuigen de rigide leefregels en het 'viezenwoordenschrift' van strenge ouders Sjoerd en Ludeke niet van eenzelfde onvermogen om hun kinderen op normale wijze grenzen bij te brengen? Deze ouders hebben hun tuintje weliswaar op orde maar laten zich weinig verwonderen over de pracht aan wilde onbekende bloemen in hun tuin. Dan maar liever toegeeflijk Iris! Kinderen liefdevol leren begrenzen kost gewoon veel tijd en aandacht.

Trouw vervolgde het thema opvoeden met de uitkomsten van het Trouw opvoedonderzoek 2013 (op instigatie van Dolph Kohnstamm als reprise van het dertig jaar eerder gedane opvoedonderzoek onder lezers van Ouders van nu). 

De belangrijkste conclusie van dit onderzoek was dat ouders anno nu hun kind liever zelfstandig en zelfbewust zien dan gehoorzaam en bescheiden zoals in 1983. Ouders willen een stevig kind dat niet over zich heen laat walsen. Daarbij zijn ouders volgens onderzoekspaar Dolph en Rita Kohnstamm steeds toleranter geworden ten opzichte van de onbescheidenheid, ongehoorzaamheid en onbeheerstheid van hun kind. Zij stellen dat de toegeeflijkheid onder ouders de pan uitgerezen is waarbij ouders vooral van andere ouders vinden dat zij hun kinderen te vrij laten (60% van de ondervraagden).

Naar mijn idee spiegelen deze uitkomsten onze samenleving. Want is het persoonlijke niet politiek?
Sinds 1983 is onze maatschappij individualistischer en kapitalistischer geworden.  In Nederland lijkt persoonlijk succes tegenwoordig de sleutel te zijn tot een gelukkig bestaan. Daartoe moet je je manifesteren, je onderscheiden van de rest om je plekje in de maatschappij te veroveren. Een bescheiden inschikkelijke houding komt daarbij slecht van pas. Tegelijkertijd worden ouders vooral aangemoedigd geld te verdienen en zo min mogelijk tijd te besteden aan de opvoeding van hun kinderen. Dat leidt tot kleinere gezinnen waarin kinderen weinig rekening met elkaar hoeven houden en ouders die er minder dan vroeger aan toekomen de deskundigheid te verzamelen die hun gezag als ouder vanzelfsprekend en geloofwaardig maakt.


dinsdag 22 januari 2013

Beschaafde Zweden



















Serene rust  in de wijk Gamla Stan Stockholm (Under Kastanjen)


Een van de dingen die het leven in Zweden zo aangenaam maakt, is dat men er uiterst beschaafd met elkaar omgaat. Toen wij net in Zweden woonden viel er een last van ons af. Eén die we niet bewust met ons meetorsten maar die wel voelbaar werd toen hij weg viel. Hier maakte men ruimte voor elkaar in de metro, sprak men met elkaar op gedempte toon, zelfs in een stil bos, liet men elkaar voor in de rij bij de kassa of in de doodenkele file op de ring rond Stockholm. Heel anders dan in Nederland voorziet men een ander hier nooit ongevraagd van negatief commentaar. Kritiek is er wel maar wordt altijd verpakt op een manier die een ander niet kwetst of schaadt. Dat besef zit diep bij de Zweden. De ander moet zich veilig voelen. Kritiek moet opbouwend zijn en respectvol. Alleen op die manier is een vreedzame samenleving mogelijk.

Die houding is heilzaam, ervoeren we. Het is uiterst prettig om je in sociaal opzicht altijd veilig te voelen, je niet te hoeven pantseren tegen je omgeving. Constant weerbaar te zijn en op je qui-vive. Dat scheelt veel energie die je beter kunt besteden.

De respectvolle omgangsvormen in Zweden zijn het gevolg van een totaal andere grondhouding dan wij in Nederland hebben. De bittere armoede, de dunbevolktheid en het afzien in de 19e eeuw lijken de Zweden er voor eens en voor altijd van doordrongen te hebben dat ze elkaar nodig hebben en dat gelijkwaardigheid en samenwerking daarbij onontbeerlijk zijn. Met zijn allen, jong, oud, arm, rijk, man en vrouw, moesten zij de touwtjes aan elkaar knopen en het hoofd boven water zien te houden in dat koude barre land. Het leidde tot de opkomst en bloei van de Sociaal-Democratische partij die in de 20e eeuw bijna onafgebroken heeft geregeerd. Nog altijd drukt dat zijn stempel op de omgangsvormen in Zweden die zich kenmerken door  hoffelijkheid, respect en bescheidenheid.

Ik geloof dan ook dat politicoloog Peter van der Heiden het bij het juiste eind heeft wanneer hij vandaag in Trouw opmerkt dat fatsoenlijk met elkaar omgaan tot de kern van het sociaal-democratisch programma behoort en dat het dus niet verwonderlijk is dat juist twee PVDA kopstukken onlangs opriepen tot meer fatsoen in het openbare leven. PVDA voorzitter Hans Spekman naar aanleiding van de haatmails die hij ontving en minister Ronald Plasterk die meer waarden en normen in de opvoeding verlangt. In een land waar men consequent vorm geeft aan een ideologie van eerlijk delen en samenwerken, gaan burgers vanzelfsprekend beschaafd met elkaar om. De prettige omgangsvormen in Zweden zijn daarvan nog altijd het levend bewijs.

 




zondag 13 januari 2013

De in de jeugd onderdrukte energie is de voedingsbodem voor zinloos geweld en massahysterie.

In dichtbevolkte, overgeorganiseerde stedelijke gebieden wordt de natuurlijke energie van jonge kinderen beknot. Volwassenen staan voortdurend op de rem omdat wij de voorkeur geven aan vrij autoverkeer boven het vrije verkeer van onze jeugd en vinden dat zij zich al in een onnatuurlijk vroeg stadium moet aanpassen aan onze overgeorganiseerde omgeving.

Om de energie van onze kinderen de vrije loop te kunnen laten en hen een gezonde ongeremde ontwikkeling
te kunnen bieden verhuisden wij naar het Zweedse platteland. Martin Simek verruilde Nederland voor Calabrië in Zuid-Italië waar hij woont met zijn vrouw en twee zoontjes. In De Groene Amsterdammer (dec.2012) verwoordt hij treffend:

'De energie van kinderen moet bewaard blijven, daar moet de wereld het van hebben. Als je de natuurlijke energie onderdrukt, zoekt hij een uitlaatklep. De in de jeugd onderdrukte energie is de voedingsbodem voor zinloos geweld en massahysterie.'

woensdag 9 januari 2013

Zweden blijven investeren in kinderopvang

Afgelopen winter ontving ik in Järna journalist Frank Gersdorf van Het Financieele Dagblad. In de ijzige koude (-25 Graden Celsius) brachten wij een bezoek aan förskola (kleuterschool) Flätan, de warme huiselijke school van mijn jongste zoon waar ik met veel plezier enige tijd als kok/leidster werkte.

Hieronder de link naar zijn artikel over de niet aflatende overheidssteun voor kinderopvang in Zweden.

https://docs.google.com/file/d/1AskG5wOnnWB1-Ef3LYjvYsDEem0WfwOftrL5NdADz4BUhNIBZj5ipMirRHkX/edit


dinsdag 8 januari 2013

Zweeds onderwijs draait niet om lesstof maar om ontwikkeling en welbevinden kind

In Zweden wordt van schoolkinderen in evenwichtige mate het lichaam, de geest en de sociale- en creatieve vaardigheid getraind. Daarbij staat het welbevinden en de ontspanning van docenten en leerlingen centraal.
Korte schooldagen, veel beweging in de buitenlucht, een dagelijkse gevarieerde en soms zelfs biologische warme maaltijd op school, ruimschoots personeel voor de klas, speciale aandacht voor omgangsvormen, en lange vakanties maken dat mogelijk. Daarbij is het onderwijs meer gericht op deelname en minder op prestaties waardoor docenten en leerlingen al hun tijd en energie kunnen besteden aan de lesinhoud in plaats van aan toetsen en rapportages.

Zou het, met het oog op de Zweedse situatie, niet heel goed kunnen dat het Nederlands onderwijs efficiënter functioneert wanneer meer tijd besteed wordt aan het welzijn van leerlingen en docenten en inhoudelijke kwaliteit van de lesstof en minder tijd aan kennis vergaren en meetkundige doelen behalen? De Finse situatie met de beste onderwijsprestaties op Europees niveau en de minste hoeveelheid lesuren lijkt deze aanname te steunen.

Lees hieronder mijn visie op het Zweedse onderwijs in het Onderwijsblad van december 2012.

https://docs.google.com/open?id=1bWNudhl_urFGzphv3wzpl8xpyGAhn_63DjRFaLovhdFzzTVIg_J5XcHKxfXG

maandag 26 november 2012

Wat je zelf kunt doen om gezond te blijven

Als kersverse moeder zat ik regelmatig met mijn baby's bij de huisarts vanwege oorontsteking en agressieve luieruitlsag. Steevast kreeg ik dan antibiotica of hormoonzalfjes mee naar huis die weinig doeltreffend waren en de ellende vaak alleen maar verergerden. Het heeft me een paar jaar gekost voordat ik er achter kwam dat neusverkoudheden en oorontstekingen zelden doorzetten als je tijdig een oplossing met zout water in de neus druppelt, volkomen rust houdt en etherische olie brandt. Of dat luieruitslag genas door geen billendoekjes meer te gebruiken en de billen te behandelen met paar druppels etherische lavendelolie opgelost in plantaardige olie. Waarom vertelde mijn huisarts dat niet gelijk? Het waren simpele oplossingen die veel goedkoper en minder agressief waren dan de middelen die mij werden voorschreven. Vanaf het moment dat ik mij een jaar of 10 geleden actief met dit soort eenvoudige huis- tuin en keuken behandelingen ging bezighouden komt ons gezin zo goed als nooit meer bij een huisarts.

Blijkbaar is er veel wat je zelf kunt doen om gezond te blijven of een ziekte te overwinnen. Maar je moet er maar opkomen. In onze huidige maatschappij is er slechts een handvol huisartsen die je een yoghurtkompres adviseren alvorens op antibiotica over te gaan of erkennen dat slechtziendheid verband kan houden met oververmoeidheid of overspannenheid. Dat komt omdat zij er niet voor worden opgeleid om de gezondheid van mensen op eenvoudige natuurlijke wijze te ondersteunen maar om op technische wijze te interveniëren in een ziekteproces. Daarbij ligt de nadruk niet op de natuurlijke kracht van mensen zelf maar op hun gebreken en op het vermogen van artsen, apparatuur en medicijnen om daar aan te sleutelen. Dat een artsenstudie nog altijd 'Geneeskunde' of 'Medicijnen' genoemd wordt in plaats van bijvoorbeeld 'Heelkunde' of 'Gezondheidskunde' laat zien dat de aandacht zich toespitst op de kracht van artsen en hun middelen en niet zo zeer op de geneeskracht van mensen zelf. Die benadering heeft mensen onnodig afhankelijk gemaakt van de zorg van artsen en de middelen die zij hen voorschrijven. Bovendien wordt een cliënt met technische interventie meestal in meer of mindere mate geweld aangedaan met alle nadelige en kostbare gevolgen van dien. Inmiddels blijkt dit model van gezondheidszorg onhoudbaar. De enorme kosten die het met zich meebrengt en de schadelijke neven-effecten ervan op mens en milieu wegen steeds minder op tegen de baten.

Politieke partijen die de kosten willen drukken en tegelijkertijd de gezondheid van haar burgers willen vergroten zullen moeten investeren in gezondheidszorg die zich richt op ondersteuning van het natuurlijk systeem en de zelfredzaamheid hierin van mensen. Zodat een arts ons bij beginnende keelpijn ook gewoon naar onze eigen tuin en bed kan verwijzen. Want gorgelen met salie en daarna slapen kan ook prima werken en als je dat eenmaal weet hoef je niet meer terug naar je huisarts.
Dat dit nu niet gebeurt heeft alles te maken met grote economische belangen. Artsen, specialisten, zorgverzekeraars, ziekenhuizen en de pharmaceutische industrie verdienen veel geld aan het huidige inefficiënte systeem en zien bij een diepgaande veranderingen in de zorg hun afzetmarkt slinken. Hoe moeilijk het is hier werkelijk tegenin te gaan bleek eind 2011 toen huisarts Hans van der Linde de werking van de griepprik op wetenschappelijke gronden in twijfel trok en een belangenverstrengeling vaststelde van Roel Coutinho, directeur van het Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu (RIVM) omdat hij banden met de pharmaceutische industrie onderhield. In plaats van een open en eerlijk dispuut aan te gaan probeerde het RIVM van der Linden op grove wijze de mond te snoeren door een bodemprocedure tegen hem aan te spannen die nog altijd voortsleept.

De bedoeling van de invoering van de marktwerking in de zorg in 2005 was om via concurrentie de kwaliteit in de zorg te vergroten. Maar over welke kwaliteit hebben we het? Was er niet al sprake van een slecht functionerend systeem? En bovendien, wie bepaalt wat kwaliteit is? En hoe? De cliënt die een schadelijke antibiotica kuur krijgt maar zo'n aardige arts heeft met zo'n mooie praktijk? De marktwerking in de gezondheidszorg heeft de nadelen van onze gezondheidszorg alleen maar in de hand gewerkt en uitvergroot doordat zorgaanbieders ondernemers zijn geworden die geld verdienen aan ingrepen, consulten en medicijnverstrekking. Bijkomend voordeel voor de pharmaceutische industrie is dat zij directer invloed kan uitoefenen op onwetende burgers door hen via internet te bestoken met sluipreclames over dure medicijnen die zij vervolgens opeisen bij een arts naar keuze die hen die middelen moeilijk weigert uit angst voor verlies aan clientèle. Huisarts en epidemioloog Wouter de Ruijter pleitte er voor (Volkskrant 29-08-2012) dat huisartsen daar strenger tegen moeten optreden en cliënten op basis van evidence based onderzoek te dure medicijnen moeten weigeren. Maar het feitelijke probleem is vele malen groter dan dat wat hij schetst. Artsen moeten niet alleen nee verkopen tegen veel te dure medicijnen, zij moeten patiënten vooral gaan leren wat zij zelf kunnen doen om gezond te worden en te blijven.

Uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid hierin natuurlijk niet bij de huisartsen maar bij de overheid. Zij moet er garant voor staan dat gezondheidszorg en bijbehorende wetenschap onafhankelijk functioneren van het bedrijfsleven zodat we er van op aan kunnen dat de gezondheid van mensen en niet hun geld voorop staat. Dat levert op het eerste gezicht misschien een onmogelijk kostenplaatje op maar wat gebeurt er als moeders nooit meer hormoonzalfjes en antibiotica voor hun kinderen nodig hebben omdat er vriendelijker, natuurlijker en goedkopere alternatieven zijn? En dan noem ik maar een willekeurige zijstraat. De overheid mág en kán gezondheidszorg niet overlaten aan de vrije markt, belanghebbenden in de industrie of aan technici wier specialiteit het is in te grijpen in het natuurlijk systeem. Zij moet op onafhankelijke wijze een visie ontwikkelen over gezonde en betaalbare zorg. Niet alleen om de kosten laag te houden maar vooral om haar burgers te beschermen en gezond te houden.

dinsdag 20 november 2012

Lezersreacties Bevallen op eigen kracht

Het boek 'Bevallen op eigen kracht' van Wendy Schouten is echt gewéldig. Ik heb inmiddels bijna alles op het gebied van zwangerschap en bevallen gelezen en ik vond dit nieuwe boek ontzettend goed. Écht lezen! Zo snel mogelijk! Ik raad het boek overal aan en doe het iedereen die zwanger wordt in mijn omgeving cadeau. Een mooier cadeau kan je niet krijgen denk ik. Bevallen kan je zelf! Dit boek kan ook een belangrijke rol vervullen in het verwerken van een minder positieve ervaring met bevallen.
Roos de Vries, zwangerschapsyogadocent en moeder

Heel goed leesvoer voor verloskundigen die kritisch naar zich zelf durven kijken. Bovendien heb ik bij mijn eigen bevalling (18-10-2012!) aan vele passages terug gedacht.
Wendy Wielenga, verloskundige bij verloskundigenpraktijk west in Grootegast (Gron.)

Eindelijk, waar was dit boek en deze tips bij mijn vorige zwangerschappen? Alle mogelijke bevallingen al moeten ervaren en eindelijk iemand die feiten en tips beschrijft die gevoelsmatig al zo klopten voor mij! Hoezo liggend bevallen, voor wie is dat handig? Hoezo lijdzaam afwachten in een bed tot de weeen doorzetten? Aan de slag: bevallen is hard werken en dat doe je grotendeels zelf en samen met je kindje, lopen, bewegen! Heel herkenbaar, prettig leesbaar en gouden tips waar je als vrouw zelfvertrouwen van krijgt. Heel erg blij dit alsnog gelezen te hebben terwijl ik nu zwanger 30 weken zwanger ben van ons laatste kindje, geeft mij vertrouwen, rust en zeker ook moed.
Lisa72 Groningen op bol.com

Wilde je even laten weten dat ik alleen maar positieve reacties op je boek krijg. Veel mensen waarvoor het een bevestiging is in wat ze zelf al denken of aanvoelen.
Maar soms ook uit onverwachte hoek. Een week geleden was ik bij een bevalling, van een vrouw bij wie de eerste bevalling een drama was. In het verhaal was het voor mij zonneklaar dat ze slecht begeleid was en dat van de ene interventie de volgende kwam, maar er was weinig opening om het daarover te hebben. Zeker de partner wilde absoluut in het ziekenhuis zijn voor de bevalling. Want het was de vorige keer maar goed ook dat ze daar waren!
Maar toen ze ging bevallen bleek opeens de visie helemaal om. Ze heeft kort na mijn binnenkomst op haar hurken gebaard. Ik zat erbij en ik keek ernaar.
Bij het napraten na de bevalling bleek dat ik ze jouw boek had uitgeleend en dat vooral hij daar in de laatste week nog veel aan gehad had. Ze zijn nu supertrots en erg blij met deze bevalling. Tof he?
Dank voor je boek dus!
Verloskundige Mirjam Medema


Dankzij dit boek zie ik vol zelfvertrouwen mijn bevalling tegemoet.
Wendy omschrijft alles duidelijk en onderbouwd ook al haar argumenten.
Eerst was ik sceptisch maar ik moet zeggen dat ik absoluut om ben en zeer blij ben dat ik dit boek heb aangeschaft.
Deze moeder van 4 weet waar zij het over heeft!
Ga dit boek zeker lezen als je op natuurlijke wijze wilt bevallen.
Callisto Bol.com

Via Gonny kwamen we bij het down to earth 'Bevallen op eigen kracht'. Dit boek heeft ons zeer goed geholpen. Het geeft een kritische kijk op de medicalisering rondom bevallen en over de strijd die vrouwen leveren met zichzelf en hun omgeving om natuurlijk en zonder ingrijpen te kunnen baren.
Jesse, vader uit doulapraktijk Eigenwijz van Conny Cappers

Wat een geweldig boek is dit. Een megagrote stap in het laten horen van je vrouwenkracht. (Mijn hemel wat is ons dat uit handen genomen). Je vertelt zo boeiend en zo precies hoe het jezelf verging. Zo gevoelig, zo kwetsbaar en daarom zo krachtig. Ik vind het moedig van je. Het is ook schokkend om het allemaal op een rijtje te hebben van hoe de praktijk is. Maar wat een werk heb je gedaan en wat een volharding. Echt een grote prestatie. Ik ben zeer onder de indruk, ook omdat je zo goed kunt voelen. Je merkt wel ik buitel ervan over mijn eigen woorden.
Anne Wilbrink

Het boek aangeschaft en vandaag in een keer uitgelezen. Fijn leesbaar, herkenbaar, heel toepasbaar ook. Die gaat bij ons in de wachtkamer!
Annemarie van Wijck, verloskundige

Vanmiddag is t boek binnengekomen en eigenlijk had ik nog echt wel wat dingen te doen vanavond maar ben aan het lezen geslagen en kan gewoon niet meer stoppen! Wat een goed boek! En wat ben ik blij dat ik deze tip heb gehad! Ik ben zwanger van ons eerste kindje en stond er vrij makkelijk in.. Ach t zal wel goed komen... Duizendend vrouwen doen het en er is nog nooit eentje blijven zitten dus ja dat moet wel goed komen dacht ik zo...
Bevallen in het ziekenhuis leek me prima ach en pijn bestrijding waarom ook niet...
Heb het boek nog niet uit en nu ben ik 180 graden gedraaid! Dit is mijn bevalling, mijn kind en mijn pijn straks en mijn kind dat ik wil gaan opvoeden op mijn manier komt ook zo op de wereld zoals ik dat wil en zoals ik denk dat goed voor ons is! Pijnbestrijding alleen maar ook echt alleen als het echt niet anders kan! En bang, totaal niet! Dit is natuurlijk en ik kan dit! Ik heb er nu al vertrouwen in dat het helemaal goed gaat komen!
Waanzinnig bedankt voor het schrijven van dit boek! Dit zou echt elke zwangere vrouw moeten lezen! helemaal top!!!
San Lieste, 30 weken zwanger van haar eerste kindje.

Ik heb een hele bibliotheek zwangerschapsboeken. Tot nu toe vind ik bevallen op eigen kracht (Wendy Schouten) het beste Nederlandse boek.
zwangerschapspagina.nl

Dit boek is op 3 manieren een enorme aanrader en aanvulling op alle boeken die geschreven zijn over bevallingen. Zowel voor aanstaande moeders als voor diegene die werken met zwangere en bevallende vrouwen.
De eigen ervaringen zijn naast ontroerend en herkenbaar vooral ook inspirerend. De auteur, Wendy Schouten, beschrijft kritisch en met humor waar ze tijdens haar eigen bevallingen heeft opgegeven aan zichzelf, waar ze ondersteuning heeft ervaren, wat ze heeft gemist en wat haar heeft geholpen om te bevallen op de meest veilige en bevredigende manier voor haar EN haar kinderen.
Het tweede deel van haar boek vertelt over het Nederlandse verloskundige systeem, en niet alleen over het verloskundig systeem maar ook over het stuk waar we onze autonomie, onze eigen stem over ons eigen lichaam hebben weggegeven waardoor we het zo moeilijk vinden om te ervaren wat goed voor ons is. En we ons steeds meer door een ander laten vertellen wat we moeten doen. In dit geval de verloskundige en de gynaecoloog.
In het laatste deel van het boek krijg je tips en inspiratie om op zoek te gaan naar jouw eigen unieke manier om te bevallen. Vanuit plezier en vertrouwen. In contact met je eigen lichaam en je kindje. Waardoor je de kans op een veilige en fijne bevalling zelf enorm vergroot.
Voor mij persoonlijk zijn de onderbouwing en de tips van de schrijfster zo goed, dat ik, als verloskundige/vroedvrouw nieuwe dingen geleerd heb, die van essentieel belang blijken te zijn voor de geboorte van moeder en kind.

En dat alles geschreven met humor en zelfspot zodat je niet stopt met lezen.
Een must read dus, voor elke aanstaande moeder die behoefte heeft om op haar eigen manier te bevallen.
Jolien Bolhuis Kooijman, vroedvrouw/verloskundige


Het boek van Wendy Schouten, 'Bevallen op Eigen Kracht' is zeer inspirerend, zij pleit voor verticaal bevallen!.
Rosalinde van de IJssel, begeleiding bij zwangerschap bij 'Beleef je Zwangerschap'

Wil je weten wat je zelf kunt bijdragen aan goed bevallen? Lees Bevallen op eigen kracht van Wendy Schouten. Aanrader!
Verloskundige praktijk Een goed begin op Twitter

Ik heb het in een ruk uitgelezen en daarbij gelachen en gehuild.
Hanna Joosten, levenscoach en kunstenares

Ik krijg goede reacties van mijn doula klanten en wateryoga cursisten en hoef meteen een hoop niet uit te leggen !!! Ze staan een stuk bewuster in hun zwangerschap... fijn hoor Wendy.....je boek doet zijn werk !!!! En wordt gevonden...en goed gelezen.... ook door de papa's
Erica Muller, werkt bij Oerbron, centrum voor natuurlijke geboorte en ontwikkeling

Lees het boek bevallen op eigen kracht eens (van W. Schouten), ik weet zeker dat dat je kan helpen in het verwerken van je bevalling.
zwangerschapspagina.nl

Het boek Bevallen op eigen kracht van Wendy Schouten vond ik een enorme eyeopener.
zwangerschapspagina.nl

Gonny leende me een boek "Bevallen op eigen kracht" uit, wat me ontzettend geïnspireerd heeft. Ik wist dat ik naar mijn eigen lichaam mocht en kon gaan luisteren. Ik voelde dat ik de natuur zijn eigen gang wilde laten gaan. Toen het ziekenhuis voorstelde om me in te laten leiden, heb ik daar toch van afgezien. Ik wilde dat mijn kindje er zelf klaar voor was, en dat mijn lichaam helemaal zelf de regie zou gaan bepalen.
Karin, cliënte doulapraktijk Eigenwijz van Gonny Cappers

Bevallen op eigen kracht' 'W. Schouten' geeft professionals betere kijk op behoeften van kritische consumenten.
Verloskundige Tine Oudshoorn op twitter

Dit boek beschrijft heel helder waar het om draait bij bevallingen en hoe een zwangere vrouw zelf haar bevalling positief kan beïnvloeden. Het zijn hele praktische tips waar je meteen mee aan de slag kunt. Hierdoor hoeven we niet meer een bevalling in te gaan met een afwachtende "ik hoop maar dat het goed gaat" houding, maar leren wat we zelf kunnen doen om het ten goede te beïnvloeden. Kortom, dit is een boek dat elke zwangere vrouw eigenlijk zou moeten lezen!
Autumngirl Den Haag op bol.com

woensdag 5 september 2012

catograaf

Op een dag in Nederland kwam mijn 10 jarige zoon blij uit school. 'Mam, ik ben ergens heel goed in! Ik had het hoogste cijfer van heel de klas.' 'O wat leuk', antwoordde ik verrast. 'Wat was het dan?' 'Weet ik niet', zei mijn zoon. 'Iets met catografie ofzo.'
'Bedoel je cartografie, met kaartlezen? Of geografie met aardrijkskunde?' 'Nee', zei hij beslist. 'Dat was het niet.'
'Wat moesten jullie dan doen?' probeerde ik via een andere weg, brandend van verlangen er achter te komen waar mijn zoon nu toch opeens een ster in bleek te zijn. 'O. dat weet ik niet meer' was zijn antwoord. En wat ik verder ook probeerde, hij kon me met de beste wil van de wereld geen aanwijzing geven over het vak waar hij zo goed in was. Einde oefening. Tot op heden tasten wij in het duister over het talent van onze huiscatograaf.
Vandaag kwam hij weer blij uit school. In de auto haalde hij een voorwerp uit zijn tas. 'Dit is het ding dat ik gemaakt heb', zei hij. Ik keek naar het voorwerp van draadijzer dat hij achteloos in zijn hand hield. 'Jeetje zeg, wat ontzettend mooi!', zei ik. 'Wat is het?' Het had wat weg van een kaarsenstandaard. 'Weet ik niet', zei mijn zoon. 'Gewoon een ding.' Ik vond dat hij wel een punt had. Niet alles hoeft met woorden geduid te worden. Zeker niet voor catografen die mooie dingen maken.

donderdag 31 mei 2012

Autonomie en soevereiniteit van vrouwen voor veiliger, klantgerichter, goedkopere en democratischer verloskunde.

In navolging van andere technisch hoog ontwikkelde landen slaan deskundigen en politici in Nederland naar aanleiding van het stuurgroepadvies 'Een goed begin' (jan. 2010) met oogkleppen op de heilloze weg in van een integraal medisch model van verloskundige zorg. De neiging vooruitgang te willen boeken door bevallen met nog meer techniek en regels te omkleden is een visie-loze Pavlov-reactie van technisch opgeleide deskundigen die leidt tot een agressieve vorm van verloskunde die vrouwen, kinderen en deskundigen geweld aan doet en vrouwen het recht ontneemt te kunnen kiezen voor professionele ondersteuning in het natuurlijke proces van bevallen. De verloskundige zorg kan veel grotere, stappen voorwaarts maken, in kwaliteit, veiligheid en klanttevredenheid, door de natuurlijke kracht, mogelijkheden en kennis van vrouwen centraal te stellen. 

 

(afb. International Human Rights in Chilbirth Congress 2012 Den Haag)

In 1999 bereidde ik mij voor op een thuisbevalling. Hoewel het de eerste keer was dat ik ging bevallen, was ik vol vertrouwen. Ik dacht: Ik ben sterk, lenig, goed in sport, een doorzetter en een ras-optimist. Boeken had ik niet nodig. Ik vertrouwde er op dat mijn lichaam wist wat het moest doen. Beatrijs Smulders, pleitbezorgster van de natuurlijke bevalling en boegbeeld der Nederlandse verloskundigen stond in mijn ogen symbool voor de Nederlandse verloskunde in het algemeen. Ik ging er dan ook van uit dat men alles op alles zou zetten mij te helpen op natuurlijke wijze te bevallen.

Dit positieve beeld spatte als een zeepbel uiteen toen mijn bevalling niet de louterende krachtmeting werd die ik me er van had voorgesteld maar een 36-uur durend medisch circus waarbij niemand, verloskundigen noch gynaecologen, ook maar één moment gericht was op mijn eigen mogelijkheden en inzichten, laat staan in wat ik wilde. Op routineuze wijze was iedereen om mij heen uitsluitend gericht op zijn of haar eigen technische taken en verantwoordelijkheden. De enige vorm van hulp die mijn verloskundige mij na 24 uur eenzaam ploeteren bood, was een ruggenprik onder de dreigende woorden: 'Beter dat, dan dat je zodirect geen kracht meer hebt je kind er zelf uit te persen'. In het ziekenhuis moest ik mijn kind er zonder enkel gevoel in mijn lijf op commando van een overijverige assistent-verloskunde tegen de zwaartekracht in uitpersen terwijl ik in een ongemakkelijke houding schuin achter mij op de monitor keek wanneer ik een wee had. Na een uur tevergeefs persen kreeg mijn kind het benauwd. Zijn hartslag daalde onder een kritiek punt. 'Hij moet er uit!' hoorde ik roepen en in een angstaanjagende panieksituatie werd ik binnen enkele minuten via pomp, schaar en hardhandig geruk van mijn kind verlost.

Aanvankelijk begreep ik het niet. Hoe kon mij, een vrouw in de kracht van haar leven, vastberaden natuurlijk te bevallen, dit overkomen? Had ik wel alles op alles gezet? Had mijn omgeving dat wel gedaan? Of had mijn lichaam gewoon gefaald zoals in het bevallingsverslag was terug te lezen: 'Trage ontsluiting bij langdurig gebroken vliezen' en 'corthonenpathologie'. Tot ik voor mijn tweede bevalling in 2001 'Actief bevallen' van Janet Balaskas las. In deze eye-opener stond precies wat je zelf kon doen om succesvol natuurlijk te bevallen: Actief worden, verticaal blijven en hurken bij de laatste weeën. Met deze eenvoudige tips beviel ik thuis sneller en eenvoudiger dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Ik wist precies wat te doen en in mijn zwakke momenten gaf mijn man mij dezelfde peptalk als die hij zijn teamgenoten zondags altijd op het rugbyveld gaf : 'Kom op, niet wegkruipen voor de pijn, ogen open en gaan!'. Dat gaf zo veel moed dat ik voor het eerst echt geloofde dat ik het kon. Ik zette muziek op, vastbesloten rondjes te blijven lopen totdat mijn kind geboren was, ook al duurde het nog 36 uur. Ondanks de pijn van de weeën walste ik vol zelfvertrouwen met geheven hoofd door de huiskamer terwijl mijn zoon binnen anderhalf uur in vliegende vaart geboren werd. Eureka! Bevallen ging helemaal niet over het opvolgen van technische adviezen van deskundigen. Het ging puur over jezelf, je eigen kracht en wat je daar mee deed! De belangrijkste voorwaarde daarbij bleek een vrolijke ongedwongen sfeer waarin (zelf)vertrouwen en plezier centraal stond.

Ik was verbaasd maar tegelijkertijd ook niet. Iedereen weet dat autonomie, verantwoordelijkheid en plezier op de werkvloer leidt tot betere prestaties. Voor bevallen geldt dit in de overtreffende trap. Een kind baren is arbeid op topniveau. Zowel fysiek als mentaal. In diverse talen komt dat nog altijd direct tot uitdrukking: In Vlaanderen is een vrouw bezig met 'de arbeid', in Engeland is zij 'in labour' en een Franse vrouw is bezig met 'le travail'. En net zoals een topvoetballer bij een WK finale nooit zal scoren zo lang hij voortdurend vragend naar de zijlijn kijkt, zal een barende vrouw de klus op deze manier ook nooit kunnen klaren. Op het moment suprême moet zij iedereen opzij schuiven om zelf te kunnen schitteren. Bij mijn volgende twee thuisbevallingen in 2003 en 2006 bleek dit inzicht weer even toepasbaar en succesvol en beviel ik tot verbazing van mijn verloskundigen sneller dan verwacht.

De allergrootste complicatie bij mijn eerste bevalling was niet trage ontsluiting, langdurig gebroken vliezen of corthonenpathologie geweest, maar het feit dat niemand, noch ikzelf, noch de mensen om mij heen ook maar iets had gedaan om het natuurlijke proces van bevallen fysiek of mentaal positief te ondersteunen. Integendeel, volgens Balaskas verkleinde ik met mijn inactieve onderuitgezakte houding mijn bekkenuitgang met wel 30%, minimaliseerde ik de zuurstofvoorziening voor mijzelf en mijn kind en leverde ik een 36 uur durend gevecht tegen de zwaartekracht waarin mijn verlamde onderlijf geen schijn van kans had. Al die tijd werd ik beschouwd met de angstige wantrouwende blikken die elke onderneming, laat staan een bevalling, bij voorbaat doen mislukken. Het natuurlijke proces van bevallen was op alle fronten tegengewerkt. Pijnbestrijding en technisch ingrijpen bleken hieruit uiteindelijk de enige uitweg.

Foutief begrip over bevallen binnen moderne verloskunde
Mijn ervaring staat niet op zichzelf maar is exemplarisch voor de manier waarop vrouwen in technisch ontwikkelde landen tegenwoordig bevallen. De moderne verloskunde heeft zich ontwikkeld als een vrouw-vreemde technische wetenschap die steeds meer los is komen te staan van de mogelijkheden, kennis, ervaringen en gevoelens van vroedvrouwen (Middelnederlands voor wijze vrouw) en vrouwen zelf. In de loop van een aantal eeuwen werd hun ervaringsgerichte gevoelsmatige kennis en kunde ten aanzien van het natuurlijke proces van bevallen door een overwegend mannelijk corps aan specialisten langzaam maar zeker naar de achtergrond verbannen. Hierdoor heeft deze vorm van zorg nooit de kans gehad zich gelijkwaardig te kunnen professionaliseren aan de wetenschappelijk gefundeerde probleemgerichte technisch gecontroleerde zorg van geneesheren. Dat vroedvrouwen, als hoedsters over het normale proces van bevallen, en vrouwen zelf niet in staat geweest zijn dit proces van medicalisering een halt toe te roepen, is niet het gevolg van een evenwichtige weging tussen een vroedvrouwen- en een medisch model van zorg maar is te wijten aan hun ongelijkheid in opleiding, geslacht en status ten opzichte van de hoog opgeleide geneesheren en mannen in het algemeen alsmede een tijdsgeest waarin de wrede natuur gewantrouwd werd en men techniek beschouwde als middel tegen elke kwaal.

Dit proces heeft uiteindelijk geleid tot een foutief begrip over het wezen van bevallen en een fundamentele systeemfout binnen de verloskunde waarbij de actieve, leidinggevende, zelfsturende rol rol die een vrouw nodig heeft om veilig en ongecompliceerd te kunnen bevallen is overgenomen door deskundigen. Teneinde deskundigen maximaal grip te geven op het proces van bevallen, baart het merendeel van de vrouwen tegen alle natuurwetten in: En plein-publique, onzeker, afhankelijk, op haar rug, tegen de zwaartekracht, met minimale support, in een vreemde omgeving met relatief of geheel onbekenden, verdoofd of anderszins gedrogeerd en meestal bang voor wat komen gaat. Daarmee zijn vrouwen de grip op zichzelf volledig kwijtgeraakt.

Passivering vrouwen diepste verloskundige crisis
Bevallen is nog nooit zo zwaar en pijnlijk geweest als nu en nooit eerder waren medische ingrepen en pijnbestrijding zo talrijk. De enorme hoeveelheid vrouwen die in Nederland tijdens hun bevalling met complicaties naar het ziekenhuis wordt verwezen is niet alleen een signaal dat deskundigen steeds voorzichtiger worden maar ook een uitdrukking van het gebrek aan zelfredzaamheid van vrouwen en de mate waarin zij worden tegengewerkt in het natuurlijke proces van bevallen. Tegennatuurlijke barenshoudingen en gebrek aan emotionele support veroorzaken ondragelijk lijden waardoor veel vrouwen pijnbestrijding, onder het motto 'De klant is koning', dankbaar omarmen. Maar pijnbestrijding is verre van klantvriendelijk. Het dient vooral het belang van ziekenhuizen en deskundigen in hun streven naar efficiency aangezien het de tijdsduur van een bevalling reduceert naar een persmoment van maximaal één uur. Voor vrouwen is het de slechtst denkbare service die er bestaat. Want als zij haar eigen gevoel en kracht niet meer kan gebruiken om haar kind geboren te laten worden, zullen anderen hun technische kracht moeten aanwenden om haar van haar kind te verlossen. Daarom loopt pijnbestrijding zo dikwijls uit op een kunstverlossing.

Zowel in Nederland maar ook mondiaal gezien vormt de passivering van de kennis en kunde van vrouwen zelf in hun bevalling de diepste onuitgesproken crisis binnen de verloskunde met consequenties die de betrokken beroepsgroepen bij lange na niet kunnen, willen of durven overzien.
Dagelijks worden duizenden vrouwen overal ter wereld ritueel verminkt omdat specialisten zichzelf en niet de fysiologie van vrouwen centraal stellen. Het inknippen van vrouwen is een even zinloos maar vanzelfsprekend deel van onze cultuur geworden als vrouwenbesnijdenis, echter niet vanuit religieuze maar vanuit wetenschappelijke vooringenomenheid. Opmerkelijk genoeg is er, ondanks de dominante pathologische visie op bevallen, wetenschappelijk gezien altijd voldoende basis geweest om aan te nemen dat een systeem gericht op de natuurlijke behoeften van vrouwen leidt tot meer veiligheid, tevredenheid en minder kosten. In binnen- en buitenland hebben gerenommeerde specialisten als Kloosterman, Smulders, Kitzinger, Balaskas, Tew, Odent, Lemaze, Dick-Reed, Klaus, Gaskin, Davis-Floyd, Goer en Caldeyro Barcia daar decennialang onophoudelijk de aandacht op gevestigd.

Pathologische visie en marktwerking werkt agressieve onveilige verloskunde in de hand
Desondanks houdt men vast aan een agressieve vrouwonvriendelijke verloskunde. De pathologische visie op bevallen is dominant en hardnekkig en deskundigen worden niet opgeleid met een kritische houding ten aanzien van het eigen handelen. Daarom worden complicaties doorgaans niet geweten aan de eigen methoden maar aan de haperende fysiologie van moeder en kind. Vrouwen lijden massaal aan voorliggende placenta's, smalle bekkens en luie baarmoeders en kinderen aan een 'verkeerde' ligging, gevaarlijke navelstrengen en te grote hoofden. Trots presenteert men onderzoek (Hannah trial okt. 2000)) waaruit blijkt dat men stuitliggers er maar beter direct uit kan snijden in plaats van langs de normale weg geboren te laten worden. Zonder zich er rekenschap van te geven dat men 'de normale weg' tegenwoordig op alle fronten tegenwerkt. Onderzoek dat zich baseert op een onnatuurlijke praktijk en in 95% van de gevallen wordt uitgevoerd door deskundigen die overtuigd zijn van de juistheid van een technisch gecontroleerd systeem zal, als een self-fullfilling prophecy, altijd in het voordeel van dit systeem pleiten en nooit een eerlijk beeld zal opleveren over de veiligheid van een professioneel systeem dat primair gericht is op natuurlijke ondersteuning. De onverwachte uitkomsten in de onderzoeken van het UMC en het AMC (nov./dec.2010) waaruit bleek dat bevallen bij een gynaecoloog veiliger was dan bij een verloskundige zouden ook in het licht van dit mechanisme moeten worden bezien. Want de zorg van verloskundigen is dusdanig uitgekleed en aan banden gelegd dat thuisbevallen vrijwel synoniem geworden is voor een onbewaakte ziekenhuisbevalling onder leiding van een HBO-gynaecoloog. Een slap aftreksel van een ziekenhuisbevalling dus. Wanneer medische zorg wordt fijngeslepen als een fonkelende diamant terwijl natuurlijk ondersteunende zorg aan vrouwen erodeert, is het begrijpelijk dat medici, ziekenhuizen en politici menen dat een integraal medisch model van zorg de beste manier is om de perinatale sterftecijfers in Nederland terug te dringen. Maar dat is niet logisch en verstandig. Want men weegt het voordeel van een integraal ondersteunend systeem niet mee. Onderzoek uit Amerika (Klaus, Kenell, Klaus 2006) liet zien dat inzet van een bevallingscoach het aantal keizersneden met 45%, het aantal tangverlossingen met 34%, de bevallingsduur met 25%, het gebruik van oxytocine met 50%,'gewone' pijnbestrijding met 31% en ruggenprikken met 10 tot 60% reduceerde. Spectaculaie cijfers die ons het potentieel tonen van een model waarin zelfredzaamheid centraal staat. Perverse prikkels moeten uit dit model geweerd worden want waar tijd geld is, worden vrouwen gebruuskeerd. Een keizersnede levert veel geld op in weinig tijd, pijnbestrijding levert tijdwinst op en schaalvergroting zoals groepspraktijken en geboortecentra leveren meer geld in minder tijd dan de kwalitatief hoogwaardiger één op één begeleiding.

Dictatuur van medische verloskunde
Vanuit de verwrongen visie dat niet vrouwen zelf maar deskundigen beschikken over de kennis en kunde die nodig is om veilig te kunnen bevallen, bejegent de moderne verloskunde vrouwen niet alleen agressief maar ook dictatoriaal. Verloskundigen en hoogzwangere vrouwen die zich weigeren te onderwerpen aan de onnatuurlijke praktijk van de moderne verloskunde worden zowel in Nederland als elders zwaar onder druk gezet door medische professionals en steeds vaker via justitie bewogen tot een medisch gecontroleerde bevalling. In Hongarije was er jarenlang sprake van een medische alleenheerschappij waarin de regering het vrouwen wettelijk onmogelijk maakte thuis te bevallen met professionele ondersteuning. Thuis bevallen is namelijk gevaarlijk volgens Hongaarse gynaecologen die onderhands veel extra geld voor ziekenhuisbevallingen vragen en daarmee de rijkste artsen van Hongarije zijn. Gynaecoloog/verloskundige en mensenrechtenactivist Agnes Gereb die vanuit humanitaire overwegingen doorging vrouwen thuis op natuurlijke wijze te ondersteunen werd onlangs veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf en vijf jaar ontheffing van haar beroep. Als misdadiger geboeid stond zij terecht in een oneerlijk proces waarin de sterfgevallen waar zij mee te maken kreeg haar persoonlijk werden aangerekend terwijl de oordelende kinderartsen, overtuigd van de onveiligheid van thuis bevallen, zelf nauwelijks verantwoording hoeven af te leggen over de sterfgevallen waar zij in het ziekenhuis bij betrokken zijn.

Gelukkig nemen vrouwen, overal waar de medische dictatuur totalitair dreigt te worden en critici de mond gesnoerd wordt, plotseling de macht over met opmerkelijke initiatieven. De Amerikaanse moeder Laura Kaplan Shanley schreef vanuit het gemedicaliseerde Amerika het waarachtige en compromisloze 'Unassisted Childbirth' waarin zij zelfbesturing, zelfbeschikking en afzondering als kernwaarden voor een veilige ongecompliceerde bevalling formuleert. De Hongaarse moeder Anna Ternovsky klaagde haar land in 2009 aan bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens wegens discriminatie en aantasting in de privé-sfeer. Hierop stelde het Hof in 2010 dat het recht op de beslissing om ouder te worden, een inherent recht bevat om de omstandigheden te kiezen waaronder men ouder wordt en dat de Hongaarse regering zijn plicht verzaakte in het faciliteren van thuisbevallingen. In Nederland stevenen artsen, ziekenhuizen en politiek af op eenzelfde totalitair systeem, met als argument dat de door hen zelf uitgeholde zorg van verloskundigen niets meer waard is. Kreten als 'keuzevrijheid' en 'De vrouw centraal' verhullen het ondemocratisch karakter van dit proces. Sinds 2011 biedt de GeboorteBeweging, een initiatief van vooruitstrevende verloskundigen, doula's (bevallingscoaches), moeders en anderszins geïnteresseerden tegenwicht via tal van activiteiten onder meer in de organisatie en uitvoering van het internationale congres 'Human Rights in Childbirth' in Den Haag (31mei-1 juni 2012). Hier staan de implicaties rondom de zaak Ternovsky centraal: Wie bepaalt waar en hoe vrouwen bevallen? Na 400 jaar medische onderdrukking eisen vrouwen hun rechten op. Wereldwijd maken doula's (bevallingscoaches) opmars omdat vrouwen steun willen en geen controle. Het is de verloren gegane stem van vrouwen zelf die de verloskunde weer in evenwicht kan brengen en haar kan laten inzien dat een autonome soevereine positie van vrouwen de uitgelezen weg is om veilig bevallen te paren aan een rechtvaardige samenleving.


maandag 28 mei 2012

Bevallen op eigen kracht, wat je zelf kunt doen om veilig en ongecompliceerd te bevallen

Na een zwangerschap van een jaartje of zes en een twee jaar durende bevalling ziet mijn boek dan toch eindelijk het levenslicht. Ik hoop van harte dat dit boek er aan bijdraagt dat alle jonge vrouwen die na mij bevallen vanzelfsprekend de ondersteuning krijgen die nodig is om op natuurlijke wijze veilig en ongecompliceerd te kunnen bevallen.

Het boek is een personal coach in boekvorm met een kritische beschouwing over de moderne verloskunde. Hoe kan het dat steeds meer vrouwen hun bevalling afhankelijk, onzeker en bang aangaan en waarom zijn ze verdrietig over het verloop ervan?

Vier bevallingen lieten mij zien dat een bevalling een topsport-ervaring is. Misschien wel de grootste uitdaging in je leven. Om dat succesvol te kunnen doormaken moet je op het toppunt van je kracht staan. Niet bang zijn maar juist onafhankelijk, verantwoordelijk, zelfverzekerd, vol van vreugde en je volledig bewust van je fysieke en mentale mogelijkheden. De gouden tips in dit boek helpen je daarbij. Ze bieden de praktische ondersteuning die je nodig hebt om op eigen wijze veilig en ongecompliceerd te kunnen bevallen.

De kritische beschouwing in dit boek draagt bij aan een realistischer beeld van de moderne verloskunde. Het maakt je bewust van je eigen rol en helpt in het stellen van persoonlijke grenzen. Want om succesvol te kunnen bevallen heb je niet alleen gouden tips nodig maar vooral ook heel veel ruimte, tijd en rust.

'Bevallen op eigen kracht, wat je zelf kunt doen om veilig en ongecompliceerd te bevallen'
isbn: 978-90-73310-75-9

Uitgeverij Nearchus c.v. Assen (€19.50)
Vanaf 30 mei 2012 verkrijgbaar bij de Haagse Boekerij in Den Haag of direct te bestellen bij ABC Boekenservice.
Binnenkort overal in Nederland verkrijgbaar.

zondag 22 april 2012

De GeboorteBeweging

Oorspronkelijke tekst van het artikel over de GeboorteBeweging in Weleda Verloskundigen Forum (april 2012).

Wendy Schouten, moeder van vier kinderen, publiciste en auteur van 'Bevallen op eigen kracht, wat je zelf kunt doen om veilig en ongecompliceerd te bevallen' (binnenkort bij uitgeverij Nearchus c.v.).

Door toenemende regelgeving en techniek krijgen vrouwen steeds minder ruimte om bij de bevalling hun natuurlijke impulsen te volgen en kunnen verloskundigen hen daarbij steeds minder goed ondersteunen. Het recht om te kiezen voor een natuurlijke geboorte in Nederland lijkt te verdwijnen. De nu ruim tweehonderd leden tellende Geboortebeweging wil het tij keren.

De GeboorteBeweging werd opgericht begin 2011, kort nadat onderzoek van het UMC de houdbaarheid van het Nederlands verloskundig model in media en politiek op scherp stelde. Uit dit onderzoek bleek, dat de perinatale sterfte bij bevallingen onder leiding van een verloskundige, hoger was dan bij bevallingen die plaats vonden onder leiding van een gynaecoloog. Hoewel het onderzoek in wetenschappelijk kring bekritiseerd werd, brachten diverse media het als een voldongen feit.
Voor de politiek was dit het moment om over te gaan tot actie. Internationaal onderzoek (Peristat 2003 en Peristat II 2008) zaaide al jaren onrust over het Nederlands verloskundig systeem, omdat de perinatale sterftecijfers in Nederland hoger zouden zijn dan in de meeste andere Europese landen. Hoewel er op de cijfers veel kritiek volgde en nooit eerder was aangetoond dat ze verband hielden met zelfstandig werkende verloskundigen, zette de politiek (in het kielzog van medisch specialisten) nu koers naar één overkoepelend medisch verloskundig systeem, waarbinnen verloskundigen voortaan opereren binnen de grenzen van medisch specialisten en ziekenhuizen. Een koerswijziging die niet zo zeer wetenschappelijk onderbouwd is maar vooral gesteund wordt door twee gedachten: Dat gescheiden beroepsgroepen met een uiteenlopende visie op bevallen, de continuïteit in de zorg geen goed doen. En dat het hoog tijd wordt dat Nederland, in navolging van de rest van Europa, een integraal medisch verloskundig model aanneemt.
Aanvankelijk leek de KNOV zich te voegen naar een dergelijk model van zorg, maar afgelopen herfst sprak - mede door de acties van de GeboorteBeweging - tweederde van de verloskundigen die aanwezig waren op de algemene leden vergadering van de KNOV, zich uit voor het herijken van de plannen voor integrale verloskundige zorg. Het nieuwe plan van de KNOV komt in juni 2012 in stemming.

Waar staat de GeboorteBeweging voor?
De Geboortebeweging is een heterogene groep vrouwen (en een enkele man), bestaande uit verloskundigen, moeders, kraamverzorgenden, verpleegkundigen, doula's (bevallingscoaches), zwangerschapstherapeuten, publicisten en anderszins geïnteresseerden, die zich zorgen maakt over de voortschrijdende medicalisering van bevallingen in Nederland. In plaats van een integraal verloskundig model van zorg, gebaseerd op techniek en controle, ziet zij liever een integraal vroedvrouwen model van zorg, gebaseerd op de natuurlijke kracht en mogelijkheden van vrouwen zelf.
De beweging komt op voor het recht van vrouwen om natuurlijk te bevallen en daarin hun eigen behoeften te volgen. Zij staat het idee voor dat een bevalling een actieve gebeurtenis is, waarbij een vrouw optimaal gebruik moet kunnen maken van haar eigen kracht en mogelijkheden. Intensivering van techniek en controle zoals een integraal verloskundig zorgmodel met zich meebrengt, beschouwt zij als onwenselijk, omdat het de cliënt beperkt in haar natuurlijke mogelijkheden en keuzevrijheid. Tevens beperkt het de zorgverlener in haar (of zijn) mogelijkheden de natuurlijke behoeften van vrouwen te ondersteunen en te respecteren. Dit is frustrerend en demotiverend voor de vrouw die bevalt, omdat dit stagnatie oplevert in het normale proces van bevallen met alle complicaties van dien.

Wat doet de Geboortebeweging?

Zij biedt tegenwicht aan de maatschappelijk geaccepteerde opvatting, dat intensivering van controle en techniek automatisch leidt tot meer veiligheid bij de bevalling. De leden gaan juist uit van het idee dat de zorg rondom bevallen beter én veiliger kan worden door het natuurlijke proces van bevallen optimaal te ondersteunen. Omdat dit de enige manier is waarop zowel de behoeften van de moeder, als de veiligheid van moeder en kind, gelijktijdig gewaarborgd kunnen worden. Hoewel er voor deze aanname talloze wetenschappelijke onderbouwingen zijn, vindt zij tot op heden weinig tot geen weerklank in politiek Den Haag.
Daarnaast is het streven, dat er een eind komt aan het éénzijdig positieve beeld dat door medisch specialisten en media wordt geschapen over “technisch gecontroleerd bevallen”. Met het delen en verstrekken van informatie wil zij dit beeld bijstellen en nuanceren, zodat zwangere vrouwen én beleidsmakers zich een meer waarheidsgetrouw beeld kunnen vormen over de inhoud van kwalitatief hoogwaardige zorg rondom bevallen. Het kan hierbij gaan om wetenschappelijke informatie maar de Geboortebeweging wil vooral ook een herwaardering creëren voor de kennis en wijsheid van vrouwen zelf. Naast de visie van technisch specialisten ziet zij de gevoelens en ervaringen van vrouwen zelf als vertrekpunt in het ontwikkelen van goede verloskundige zorg: de vrouw die bevalt centraal. Maar dan echt!

Contact
Zwangere vrouwen hebben toegang tot de informatie van de Geboortebeweging via de website in aanbouw www.geboortbeweging.nl. Op facebook vormt de beweging een gesloten groep waar informatie wordt verspreid en met elkaar gedeeld wordt. De beweging komt eens in de maand samen voor overleg en afspraken en neemt daarnaast geregeld zitting in landelijke en/of regionale overlegstructuren.

zondag 11 maart 2012

The Voice, Melodifestivalen en integratie


Zweden heeft sinds kort ook The Voice. The Voice Sverige. Elke vrijdagavond installeert ons gezin zich met chips, cola en het overdreven enthousiasme dat emigranten eigen is wanneer ze iets uit hun eigen cultuur terugzien, voor de buis om te zien hoe John de Mols succesvolle Talpa formule het hier in Zweden doet. Vrienden en bekenden bekijken deze onverwacht volkse uitspatting van ons met dezelfde argwaan die ik ook lange tijd koesterde wanneer mijn moeder de telefoon er op gooide omdat The Voice begon. Maar die komen er nog wel achter welk een ontroering en volksverbroedering dit programma in zijn mars heeft.

Qua jury zag alles er herkenbaar en veelbelovend uit. Geen dubbele stoel maar wel Carola als grande dame Angela en rockende krullebol Magnus Ulla als Marco. Geen Roel van Velzen en Nick en Simon maar in plaats daarvan de immer extravagant uitgedoste glamrocker Ola Salo en hiphopper Petter. Maar echt Oud-Hollands genieten werd het toch niet helemaal. Daarvoor hadden de kandidaten te vaak een geknepen stem (misschien door die strakke broekjes van Zweedse mannen?) of een kapsel als een platgereden das. Vermakelijk, maar het kon niet tippen aan de kwaliteit van de echte Voice.

Dat eeuwige één op één vergelijken is natuurlijk een typisch defect van oudere emigranten. Kinderen hebben daar geen last van. Die storten zich zonder voorbehoud op de meest huiveringwekkende culturele uitingen van hun nieuwe vaderland. Zo is mijn tienjarige zoon helemaal 'into' Melodifestivalen, de in Zweden groots opgezette voorrondes van het Eurovisie Songfestival waarvan alle ins en outs breed uitgemeten worden in de nationale pers. Waarom is me een beetje een raadsel. Het zal wel komen door de overweldigende Zweedse zege van het Eurovisie Songfestival in '74 waarbij ABBA in glitterende pakken het nooit meer geëvenaarde Waterloo ten gehore bracht. Daarmee werd Zweden naast producent van Säkerhets Tändstickors in één klap ook een muzikale grootmacht. Deze gebeurtenis lijkt, gezien de bijna on-Zweedse RAI-uno-achtige glamour and glitter, nog altijd haar stempel te drukken op het Melodifestival.

Ondertussen volg ik mijn zoons fanatieke betrokkenheid bij het melodifestival met stijgende verbazing. Van zijn zakgeld heeft hij de dure bijbehorende cd gekocht en maakt hij classificatielijstjes met een drift waarmee hij tot voor kort alleen de voetbalcompetitie bijhield. Het enige waar hij nog met mij over wil praten is wie ik beter vind: Sean Banan of Thorsten Flinck. Ik vind ze allebei even vreselijk en hoop dat zijn obsessie verdwijnt zodra het voetbalseizoen weer begint. Turkse en Marokkaanse ouders die hardnekkig vasthouden aan hun eigen taal en gebruiken begrijp ik opeens maar al te goed. Voor je het weet vervalt je kind in onherstelbaar vreemdsoortig gedrag waarmee hij zich in eigen land voorgoed diskwalificeert. Maar mijn zoon zit er niet mee. Die houdt niet vast aan Talpa's Voice. Die lacht zich een kriek om de Zweedse volksster Sean Banan en is ondertussen het best geïntegreerd van ons allemaal.

zondag 12 februari 2012

Verbeter je vrije trap: Schop een pilon van je broertjes hoofd

Zonder volwassenen in de buurt is spelen veel leuker. Dan kun je tenminste grappige en gevaarlijke dingen met je kleine broertje uithalen zonder dat er iemand begint te zeuren. En je verbetert er ook nog je vrije trap mee.

maandag 19 december 2011

Politiek moet keuzes maken in verdeling arbeid/zorg


'Pfff, acht pagina's wijdt de NRC aan de ondoordachte, al weer half ingetrokken oproep van Van Bijsterveldt. Zijn er geen echte onderwerpen?', twitterde Femke Halsema. Maar het is niet zo zeer die brief als wel de opwinding die zij veroorzaakt die interessant is. Er is, zoals Mirjam Sterk van het CDA bij Pauw en Witteman al aangaf, een open zenuw geraakt bij ouders die onzeker zijn over de verhouding tussen werk en zorg.

In haar open brief aan de tweede kamer stelt minister Bijsteveld ouderbetrokkenheid aan de orde als factor van belang voor goed functionerend onderwijs. Een uitstekend punt maar geheel begrijpelijk kwam haar dit op een stroom aan verontwaardigde reacties te staan. Ouders worden sinds de jaren zeventig op niet aflatende wijze bestookt met de opdracht beiden betaald werk buitenshuis te verrichten. Vrouwen worden al decennialang gehersenspoeld met het idee dat betaald werk en het hebben van een carrière waardevoller is dan het verzorgen van hun eigen kinderen. En dat het heel normaal is om hun baby's dwars tegen hun moederinstinct in huilend over te dragen aan jonge meisjes die net hun eerste scooter hebben gekocht. Wanneer het gros van de Nederlandse stellen deze situatie uiteindelijk schoorvoetend geaccepteerd heeft, kan het dan ook nauwelijks verbazen dat minister Bijsterveld met haar appèl op ouders een hoop ingehouden woede en frustraties over zichzelf afroept.

Het beeld dat de minister van ons moderne ouders schetst is mijns inziens correct. Wij willen alles, doen te veel en maken te weinig keuzes. Naast de verzorging van onze kinderen willen we werken, het liefst in een glanzende carrière, een leuk sociaal leven hebben, een paar keer per jaar op vakantie, hobby's uitoefenen en dan ook nog tijd voor onszelf. Dit uitgebreide wensenpakket drukt op de betrokkenheid van ouders bij hun kinderen. Het gegeven dat ouders tegenwoordig meer quality-time met hun kinderen doorbrengen, zoals onlangs in het NRC aangevoerd werd (Ouders besteden meer tijd aan hun kinderen dan ooit 01-12-11) doet daar weinig aan af. Want ouderbetrokkenheid ontwikkel je niet zo zeer in de uren dat je gericht fijne dingen met je kinderen doet maar juist in die uren dat de kinderen er volgens de auteurs van dit stuk 'maar een beetje bijhingen'. Verminderde ouderbetrokkenheid zit hem vooral in de afname van het aantal uren dat ouders en kinderen samen op vanzelfsprekende wijze ongedwongen met elkaar doorbrengen. Samen naar school lopen, fietsen, de afwas doen, samen de kamer opruimen, schoonmaken. Juist in het alledaagse samenleven leer je de ander kennen en vallen terloopse maar belangrijke signalen eerder op. Want hoe je het ook wendt of keert, een ouder die de hele dag voor haar of zijn kinderen zorgt, ziet sneller en beter waar dingen spaak lopen dan een ouder op kantoor. Dat zal niemand kunnen ontkennen. Wij bieden tegenwoordig bij lange na niet meer de supervisie en continue zorg van de traditionele huisvrouw. Daarbij krijgen we tegenwoordig ook nog eens een stuk minder kinderen wat onze natuurlijke professionaliteit ten opzichte van het opvoeden heeft verkleind. Dit alles vermindert onze mogelijkheden invloed uit te oefenen op het leven van onze kinderen. Dat hoogopgeleide ouders er desondanks beter in slagen om hun kinderen te ondersteunen in hun schoolwerk dan laagopgeleide ouders zal niemand verbazen.

Op zich is de open brief van minister Bijsterveld en alle reacties die zij daarmee ontlokt razend interessant. Want het voert ons terug naar de maatschappelijke discussie over de verdeling arbeid zorg. Hoe veel tijd wensen wij als maatschappij te besteden aan het onbezoldigd verzorgen van onze kinderen en aan betaald werk buitenshuis? En wie is verantwoordelijk voor de opvoeding van onze kinderen? Wie biedt er supervisie en continuïteit in hun leven? Het is een schemergebied geworden omdat docenten kinderen in hun klas tegenwoordig vaak langer op een dag zien dan hun ouders. Maar een appèl aan ouders is een volledig misplaatste manier om de onthechting tussen ouders en hun kinderen te herstellen. Want het is de overheid zelf die haar in gang heeft gezet door ouders jarenlang aan te sporen beiden buitenshuis te werken en hun geld in het weekend te spenderen in immer opengestelde koopgoten en meubelboulevards. In Zweden zag ik wat de langetermijn-effecten zijn van het volledig en systematisch doorvoeren van dit principe: Ouders die alleen nog maar via de mail meekrijgen wat er overdag met hun kind gebeurt, op opvoedcursus gaan en zelfs dan nog weinig grip krijgen op de wegen van hun kinderen. En veel kinderen die ongelukkig of ontevreden zijn met zo weinig aandacht van degenen die hen het meest na staan. Het onoplosbare gepest op scholen, de gothic kapsels en hoofden vol piercings wekten op mij de indruk van een nationale schreeuw om meer aandacht van betrokken volwassenen. Wij kunnen een dergelijke situatie in Nederland voorkomen door de zorg voor onze kinderen weer meer als een serieuze taak op te gaan vatten. Ouders die beiden meer aanwezig zijn in het leven van hun kinderen zijn daarbij misschien een betere optie dan een wedergeboorte van de traditionele huisvrouw. Ferry Haan schreef vorige week een schitterend betoog (Vaders, roep je zoon nou eens tot de orde, Volkskrant 03-12-11) waarin hij vaders oproept meer verantwoordelijkheid op te eisen in de opvoeding van hun zonen en hen beter te begrenzen. Voor een dergelijke positieve ontwikkeling op grote schaal is het niet in de eerste plaats aan de ouders als wel aan de overheid om duidelijke keuzes te maken. Want je kunt nu eenmaal niet alles hebben mevrouw Bijsterveld: Fulltime werkende ouders en ouders die volledig betrokken zijn bij het leven van hun kinderen.

De belangrijkste oorzaak van de onthechting tussen ouders en kinderen is het waanidee van het tweeverdienersmodel. Het vervreemd kinderen en ouders van elkaar en verslechtert de communicatie tussen ouders en scholen. Een appèl dat ouders oproept nog een stapje harder te gaan lopen is ondoordacht omdat het ouders alleen maar onnodig belast en de wortel van het probleem niet aanpakt. De school van mijn kinderen draagt ouderbetrokkenheid hoog in het vaandel. Sinds jaar en dag sta ik bijna wekelijks in één van de klassen van mijn vier kinderen af te wassen of te stofzuigen. Verder zijn er gezamelijke ouderactiviteiten tijdens jaarfeesten, bezoek ik regelmatig schoolvoorstellingen en waar het nodig is bak ik met liefde een brood of een taart. Toen ik nog met baby's rondliep vroeg ik me wel eens vertwijfeld af waarom ik op school zo vaak aan het werk was terwijl mijn kinderen thuis door de stofwolken kropen. Maar goed, ik deed het voor de goede zaak en zo leerde je nog eens andere ouders kennen.

Toen ik vijf jaar later met mijn gezin in Zweden terecht kwam, merkte ik dat het er daar op school heel anders aan toe ging. Op doordeweekse dagen werd er geen beroep gedaan op ouders die daar bijna allemaal een volledige baan hebben. De juf deed haar afwasje zelf en in het weekend maakten de ouders de klassen schoon of naaiden samen het kerstcadeau voor hun kind. Op deze manier leerden ouders elkaar net zo goed kennen en bleven zij ook op de hoogte van de ontwikkelingen binnen de school zonder dat het hen doordeweeks belastte. Met vier jonge kinderen vond ik het een verademing om gewoon rustig naar huis te kunnen gaan na een schooldag. Het voelde een stuk humaner dan het Hollandse gezwoeg van altijd maar alles moeten kunnen combineren. Zweden heeft daarin, anders dan Nederland, wel een duidelijke keuze gemaakt.

Echter de communicatie tussen school, ouders en kind is er een stuk slechter aan toe dan in Nederland. Met verbazing heb ik deelgenomen aan ouderavonden waar een vader probeerde te achterhalen wie zijn dochter een denigrerende klap op haar kont had gegeven en een moeder probeerde te achterhalen wie haar zoon ergens in de bosjes een klap had gegeven. Zonder uitzondering onoplosbare problemen waar niemand meer de vinger achter kon krijgen. Het versterkte mijn idee dat een goede samenwerking tussen ouders, leerkrachten en kinderen het meest gebaat is bij een aanwezige betrokken ouder thuis die opmerkt wat hem of haar bezig houdt. Misschien roept dit een wat oubollig beeld op omdat vrouwen én mannen decennia lang tegen deze 'truttigheid' gestreden hebben. Maar nu de negatieve effecten van het tweeverdienersmodel zich steeds meer aftekenen en de wereld in crisis verkeert, wordt het misschien tijd om het taboe op het (gedeelde) kostwinaarsmodel te doorbreken en het weer eens met een frisse blik te heroverwegen.

Als de overheid daadwerkelijk vooruitgang wil boeken in ouderbetrokkenheid moet zij ouders niet oproepen nog meer te doen dan zij al doen maar consequenties verbinden aan dat wat zij wil bereiken. De te volgen logica daarbij is glashelder: Ouderbetrokkenheid neemt toe naarmate ouders meer betrokken zijn bij het leven van hun kind.